Voorbereiding voortgezet onderwijs

Algemeen

De overgang van basisonderwijs naar voortgezet onderwijs brengt grote veranderingen mee voor kinderen. Op de basisschool hebben kinderen te maken met:

  • één of hooguit enkele leerkrachten
  • een vast rooster
  • een vaste werkplek
  • lesmateriaal op een vaste plaats in het klaslokaal
  • duidelijke instructie van de eigen leerkracht voor de activiteiten van de dag

In het voortgezet onderwijs krijgen kinderen te maken met:

  • roosters die herhaaldelijk worden aangepast
  • verschillende leerkrachten voor verschillende vakken die in verschillende leslokalen worden gegeven
  • een veelheid aan lesmateriaal dat van huis moet worden meegenomen naar school
  • met huiswerk dat in de agenda geschreven en vervolgens thuis gemaakt moet worden
  • een veelheid aan procedures en regels die gelden binnen een school

Om de overgang te vergemakkelijken heeft iedere school een introductieprogramma van enkele dagen tot een week, dat nieuwe 'brugpiepers' wegwijs moet maken in de school en vertrouwd moet maken met de structuur en regels van de school. Voor de meeste kinderen is dit introductieprogramma voldoende om kennis te maken met de nieuwe school en in het schoolsysteem te kunnen instromen. Voor sommige kinderen is dit introductieprogramma echter niet voldoende. Voor kinderen die moeite hebben met plannen en organiseren heeft onderwijsbureau de Vreede² de SOS-map.

Vroeg of laat moeten kinderen naar het voortgezet onderwijs of kinderen zitten al op het voortgezet onderwijs waarbij het introductieprogramma om de een of andere reren niet voldoende is om hen in de schoolstructuur te laten meelopen. Op elke school komen kinderen voor die schijnbaar:

  • altijd hun spullen vergeten of de verkeerde spullen bij zich hebben
  • constant in conflict komen met leeftijdsgenoten of met leerkrachten
  • nooit hun huiswerk in orde hebben
  • altijd de regels overtreden

Deze kinderen worden doorgaans als lastig ervaren en het lukt niet goed om ze in het 'gareel' te krijgen. Deze kinderen, al dan niet gediagnosticeerd, laten een mengeling van kenmerken zien die typisch zijn voor kinderen met stoornissen, waaronder autisme spectrum stoornissen:

  • Autistische stoornis
  • Stoornis van Asperger
  • Pervasive Developmental Disorder Not Otherwise Specified (PPD-NOS; pervasieve ontwikkelingsstoornis niet anders omschreven).
  • Attention Deficit Disorder with Hyperactivity (ADHD; aandachtstekort stoornis met hyperactiviteit).
  • Gilles de la Tourette
  • Nonverbal Learning Disorder (NLD; niet verbale stoornis)

Stoornissen waardoor kinderen het moeilijk vinden om hun schoolwerk te organiseren en praktische problemen in de las en op het schoolplein op te lossen. Zij hebben meer dan andere kinderen problemen met:

  • plannen van schoolse activiteiten
  • het verwerven van inzicht in de schoolregels en grenzen
  • het omgaan met leerkrachten en medeleerlingen
  • generaliseren van leermomenten

Zij zijn niet lastig maar hebben een probleem waardoor zij extra ondersteuning nodig hebben om goed te kunnen instromen in het voortgezet onderwijs. Wat zij nodig hebben is duidelijkheid en helderheid, kortom structuur! Wat de meeste kinderen vanzelfsprekend oppakken lukt deze kinderen niet. Hun moet expliciteit en stapsgewijs de schoolstructuur worden aangeleerd. Zij hebben hulp nodig bij het verkrijgen van inzicht in en overzicht van de dagelijkse leven op school. Onderwijsbureau de Vreede² biedt met hulp van de SOS-map de kinderen op een gestructureerde en samenhangende manier en op een zeer concreet niveau informatie aan over schoolse zaken die voor hen problemen opleveren.

Ook kinderen met bepaalde didactische problemen zoals dyslexie of concentratieproblemen kunnen baat hebben deze SOS-lessen. De SOS-lessen biedt de kinderen met hulpvragen op het gebied van organisatie van het schoolleven concrete stappenplannen om hun schoolleven te kunnen organiseren, met als houvast een SOS-organisatiemap met informatiebladen, waarop steeds kan worden teruggegrepen.

Gemeenschappelijke kenmerken

Alhoewel stoornissen onderling verschillen en ieder kind hierop anders reageert, is er toch een aantal overeenkomsten aan te geven die als uitgangspunt kunnen dienen voor een gemeenschappelijke aanpak.

  1. Zij hebben geen of onvoldoende zicht op voor hen ondoorzichtige en min of meer chaotisch overkomende leef- en leerwereld.
  2. Zij zijn uit zichzelf niet of onvoldoende in staat om inzicht en overzicht te verwerven van schoolregels en grenzen.
  3. Zij hebben moeite met de omgang met (mede)leerlingen en leerkrachten/mentoren.
  4. Zij zijn niet in staat om hun schoolactiviteiten zelf te organiseren en te plannen.
  5. Zij hebben moeite met het generaliseren van leerervaringen.

Omdat bij deze kinderen het overzicht niet vanzelf komt, moeten ze daarbij worden geholpen. De ordening moet voor hen worden geëxpliceerd en geconcretiseerd en soms worden ondersteund door aanvullende communicatie (woorden of pictogrammen). Ook (abstracte) regels zijn voor hen niet vanzelfsprekend. Ook deze moeten worden verduidelijkt en geconcretiseerd. Daarbij is het van belang om instrumenten aan te reiken waarmee de kinderen zelf greep kunnen krijgen op hun eigen leef- en leerwereld en minder afhankelijk worden van volwassenen.

Deze overeenkomsten vormen het uitgangspunt voor onderwijsbureau de Vreede² m.b.v. de SOS-map voor kinderen met organisatieproblemen in het voortgezet onderwijs. Deze systematiek biedt kinderen informatie over schoolse zaken op een gestructureerde en samenhangende manier. Met de SOS-organisatiemap als ondersteuning kunnen kinderen na het volgen van de lessen zelf hun weg vinden in het schoolse leven van het voortgezet onderwijs. Voor sommige kinderen blijft misschien de SOS-organisatiemap ook na jaren nog een noodzakelijk hulpmiddel voor houvast op school.

Tarieven

1 uur € 30,-

Tijden

Maandag Van 15.30 uur tot 17.30 uur
Maandag Van 20.00 uur tot 21.00 uur